Snel naar: Pindakaas | Onderzoek | Weetjes

Wie is er niet groot mee geworden?

Ik zie hem nog zo zitten, dat ventje (later leerde ik dat dit een hele jonge Evert van Benthem is) op de steiger die liever schaatser dan boer wil worden. Jullie ook? Of geen idee waar ik het over heb?

Nou goed, maakt ook niet uit. Ik wil jullie namelijk graag het één en ander vertellen over pindakaas. Dus ga er maar eens goed voor zitten…

#leesvoer #eigenonderzoek 

Mijn onderzoek
Mijn pindakaas-onderzoek

Er is veel onduidelijk over het ontstaan van pindakaas. Er zijn vele theorieën bekend maar welke nu de waarheid is? Geen idee, en het zal ook altijd wel een beetje gissen blijven. Dat maakt het natuurlijk niet minder leuk om de verschillende theorieën met jullie te delen:

Theorie “Kellogs”

Marcellus Gilmore Edson is een Canadese chemist die in 1884 patent krijgt op het maken van pindadeeg, eigenlijk een hele vroege voorloper van pindakaas. Hij is hiermee de eerste. In 1895 krijgt John Harvey Kellog (die van de cornflakes) een patent op het maken van pindakaas van rauwe pinda’s. Maakt dit John dan de officiële bedenker van pindakaas? Zeg het maar…

Theorie “De Duitse missionaris”

Een andere theorie neemt ons mee naar de 18e eeuw in Suriname. Daar gebruikten ze toen namelijk een broodbeleg genaamd pinda-dokunnu. Het is het best te omschrijven als een blok gestampte pinda’s waar plakken vanaf worden gesneden om op de boterham te doen. Het verhaal luidt dat een Duitse missionaris dit vertaalde als pinda-käse wat door de Nederlanders vervolgens weer werd vertaald als pindakaas.

Theorie “De Boterwet”

Als we kijken naar de “officiële” geschriften werd pindakaas zoals wij het nu kennen pas aan het eind van de 19e eeuw bedacht door een Amerikaan. De heer John Harvey Kellog, die ook wel eens wat deed met granen en dergelijke. Hij en de rest van Amerika noemde het pindasmeersel peanutbutter. Zie theorie “Kellogs”.

Vlak na de Tweede Wereldoorlog werd deze pindaboter ook bekend in Nederland door de Franse gebroeders Calvé. De broers hadden een sauzen- en oliënfabriek in Delft. In Nederland mocht toen het woord “boter” alleen gebruikt worden voor roomboter, volgens de Boterwet uit 1889. Pindaboter kon dus niet en werd er voor gekozen om terug te grijpen op de Nederlandse vertaling van pinda-dokunnu, pindakaas.

Conclusie

Er is natuurlijk wel een flinke overlap tussen de verschillende theorieën maar een conclusie? Ik brand mijn vingers er niet aan, of moet ik zeggen “droog rooster er mijn vingers niet aan”… #geintjenatuurlijk.

Wist je dat…
Het weetjeskanon!

Wist jij dit over pindakaas?

  • Volgens de wet in de Verenigde Staten moet pindakaas voor ten minste 90% uit pinda’s bestaan. Ook is het volgens de wet verboden kunstmatige zoetmakers, kleur- en conserveringsmiddelen toe te voegen aan pindakaas.

  • Een pinda is helemaal geen noot, maar een peulvrucht en behoort tot de peulvruchtenfamilie, net als erwten, bonen en linzen.

  • Je kan lijden aan arachibutyrofobie. Je bent dan bang voor pindakaas die aan de binnenkant van je mond blijft plakken.

  • Pindakaas bevat veel goede vetten. Het bestaat voor 40% uit vet waarvan ongeveer 80% gezonde, onverzadigde vetten zijn.

  • Een patatje oorlog kent iedereen maar een boterham ‘oorlog’? Pindakaas op een boterham met curry, mayonaise en uitjes, lekker hoor…

  • Ik zou dan voor een, veel in Amerika gegeten, peanutbutter-jelly sandwich gaan. Een boterham met een gezonde laag pindakaas met daarop een “topping” van  (aardbeien)jam.

  • Geen stickerverwijderaar in huis? Smeer pindakaas op een sticker, ga even vijf minuten genieten van een boterham met pindakaas, en verwijder de sticker zonder moeite.